De Buik

 

"Ik wil niet dat het al middag is," mokt Hieke boos. Samen met haar moeder zit ze in de wachtkamer van Mevrouw Pien. Hieke’s moeder moet telkens naar haar toe, om te laten zien of alles goed gaat met het baby'tje.

Maar Hieke wilde juist met Pop Miep-
die-maar-één-oog-heeft spelen. Pop Miep was de baby en de doos van het poppenbedje was de doos waarin Hieke de nieuwe baby terug wilde sturen.

Maar net toen ze de doos van binnen lekker gezellig had gemaakt met stukjes papier en twee knikkers, moest ze mee.

Volgens Hieke was het nog ochtend, maar haar moeder zei van niet. Het was al middag, en ze moest naar haar afspraak met Mevrouw Pien de verloskundige. En nu is Hieke boos op haar moeder en boos op Mevrouw Pien en boos op dat het al middag is.

 

Ze moeten naar binnen. Mevrouw Pien lacht naar Hieke. Als ze maar niet denkt dat Hieke teruglacht. Straks gaat zij natuurlijk ook weer zeggen dat die babyspulletjes terug moeten. Dat doet Hieke toch niet. Ze vertelt gewoon niet waar ze zijn.

Alleen Pop Miep weet dat ze diep onderin Hieke's bed liggen.

"Mijn baby is er al lang uit," zegt Hieke tegen Mevrouw Pien. Ze gaat in een hoekje zitten.

Ondertussen is Hieke's moeder op een bed gaan liggen. Mevrouw Pien voelt aan haar buik.

"Wil jij ook even voelen?" vraagt ze aan Hieke.

Dat wil Hieke.

Ze voelt aan haar moeders buik. Wat is die dik.

"Daar zit de baby in," zegt Mevrouw Pien.

 

Dat weet Hieke al lang. Op het post-
kantoor weten ze het ook vast wel. En anders legt Hieke het wel uit. Straks, als ze de baby terug gaat sturen.

O nee, dat kan natuurlijk niet. Dan komt de postbode gewoon weer bij haar moeder, en dan hebben ze wéér een baby.
Nee, hij moet terug naar waar hij vandaan komt. Gewoon, vóórdat hij in die buik zat.

"Hoe komt die baby er in?" vraagt
Hieke.

"Eh...dat komt omdat je papa en mama zoveel van elkaar houden," zegt Mevrouw Pien een beetje aarzelend.

"O," zegt Hieke, "maar ik bedoel:
waar komt hij vandaan?"

"Nou," zegt Mevrouw Pien, "dat is een beetje moeilijk. Eigenlijk nergens echt vandaan, zie je. Zo'n baby'tje ontstaat uit een, nou ja uit een soort zaadje en een eitje zeg maar. Snap je?"

"Waar wonen dat zaadje en dat eitje ergens?" vraagt Hieke.

"Moeilijk hè," zucht Mevrouw Pien tegen Hieke's moeder, "om het uit te leggen bedoel ik. Moeilijk."

"Weten ze op het postkantoor waar dat zaadje en dat eitje wonen?" vraagt Hieke.

Mevrouw Pien kijkt Hieke’s moeder vragend aan.

"Ja," zegt ze dan, "ik denk van wel. Iedereen weet dat eigenlijk wel. Het zit gewoon van binnen. In je buik. Begrijp je wel?"

Hieke begrijpt er niets van. Maar de meneer van het postkantoor vast wel.

Op postkantoren weten ze alles over waar iedereen woont. Mevrouw Pien weet alleen maar iets van buiken.

Ze zal het aan de postmeneer vragen.